RJO vogels


PENNANT ROSELLA



Pennant Rosella

BEGINPAGINA

NIEUWS

INFO

SOORTEN

Kakariki

Pennant Rosella

Turquoisine

VRAAG&AANBOD

LINKS

 

EIGENSCHAPPEN: De Pennant Rosella is een Australische parkiet van 36 cm lang. Het verenkleed is helder rood. De wangen en de keel zijn helder blauw en de mantel is zwart. Deze zwarte veren hebben een rode zoom, waardoor de voor Rosella's zo kenmerkende schubtekening op de rug ontstaat. De staart is diepblauw met lichtblauwe buitenste veren. De kleine vleugeldekveren zijn zwart, de primaire en secundaire dekveren helder blauw, de grote slagpennen zwart, de iris donkerbruin, de snavel parelgrijs tot blauwig hoornkleurig en de poten grijs. De volwassen man heeft geen ondervleugelstreep (= serie grote witte stippen aan de onderkant van de vleugels), de pop meestal ook niet. Man en pop zijn in kleur vrijwel gelijk; de pop is iets kleiner en heeft vaak een groenige aanslag op de bovenkant van de centrale staartveren. Ook is haar algemene rode verenkleed veelal wat minder intensief van kleur. De kop en de snavel zijn bij de man forser en breder dan bij de pop.

BEHUIZING:  Pennanten mogen graag vliegen, de lengte van de volière is dan ook belangrijker dan de breedte met een minimum lengte van 3 meter en 0,8m breed. Pennanten mogen ook graag knagen. Als een volière houten bestanddelen heeft, is bijna niet te voorkomen dat ze zich daaraan 'vergrijpen', tenzij ze er niet bij kunnen (tip hang een brede lat zacht hout in de volière, ze zullen daar hun knaag behoefte op kwijt kunnen of verstrek regelmatig verse wilgentakken). Hou daar dus rekening mee bij het bouwen, want deze eigenschap kan tot veel ergernis leiden. Het zogenaamde dubbeltjesgaas is voor deze soort niet sterk genoeg. Vaak gaat het goed, maar er zijn toch al verschillende doorheen gegaan. Bij voorkeur dus gaas met een maaswijdte van 19x19 mm en een dikte van 1,05 mm of nog beter1,45mm. Pennant Rosella's zijn winterhard en kunnen dus 's winters gewoon buiten blijven. Wel dienen ze de beschikking te hebben over een droog en vorstvrij binnenhok. Het bijverwarmen van het binnenhok is dan ook niet nodig.

VOEDING: Parkietenzaad met zonnebloempitten kan als basis dienen aangevuld met eivoer. Groenvoer zoals andijvie, jonge spinazie, sla etc. kan ook goed gegeven worden evenals fruit zoals appels. Was het wel eerst goed af met het oog op de middelen die gebruikt worden tegen insecten. Wees niet te royaal met het verstrekken van groenvoer omdat dat ongetwijfeld tot darmproblemen leidt. Verder wat trosgierst zo nu en dan als lekkernij tussendoor wordt gewaardeerd door de vogels. Grit, sepia en soortgelijke producten moeten net als vers water altijd tot de beschikking van de vogels staan.

ACTIVITEITEN: Net als in de natuur zijn deze Rosella's ook in de volière 's morgens en 's avonds het meest actief. Overdag zijn ze vrij rustig en kunnen ze binnen of buiten met hun kop in de veren zitten suffen of slapen. Ze houden er niet van om in de felle zon te zitten; dat zijn ze als bosvogels niet gewend. In het algemeen hebben ze een grote behoefte om te baden, vooral als het weer wat warmer is. Ze gaan dan in de waterbak zitten, zakken door hun poten en fladderen met hun vleugels heen en weer. Ze duiken ook met hun kop erin en scheppen het water als het ware op. De badgelegenheid moet dus niet te klein zijn. Tamme, als eenling gehouden vogels schijnen wat te kunnen leren fluiten en een paar woorden spreken. Ze kunnen echter ook agressief worden en gaan bijten. Ook al omdat ze veel hun vleugels moeten kunnen uitslaan en een partner zeer op prijs stellen, zijn ze niet geschikt als kooivogel. Ze worden bovendien niet erg aanhankelijk. Pennanten worden vooral in de broedtijd agressief tegenover andere vogels. De man kan dat zelfs worden ten opzichte van zijn eigen pop. Het is dus niet verstandig ze in een kleine collectie te houden, tenzij ze de beschikking hebben over een enorme ruimte. Het schijnt wel mogelijk te zijn om alleen een groep vogels van hetzelfde geslacht bij elkaar te houden. En jonge vogels vormen natuurlijk ook geen probleem.

KWEEK: Huisvest een koppel Pennant Rosella's apart in een volière of vlucht voor de beste kweekresultaten. Het broedblok dient een minimum bodemoppervlak te hebben van 20 bij 20 cm, de hoogte kan variëren van 30 tot 50 cm. Het invlieggat dient een diameter te hebben van 7 cm. Deze blokken zijn goed zelf te maken maar zijn ook kant en klaar in de handel te verkrijgen. Pennant Rosella's maken geen nest (zoals de meeste parkieten soorten dat ook niet doen), maar leggen de eieren zo op de bodem of op een iets vochtige ondergrond. Deze kan gemaakt zijn van bijvoorbeeld grove houtspaanders, maar ook een stuk vermolmd hout is te gebruiken. Er worden zo'n 4 tot 6 eieren gelegd (om de dag 1) welke door de pop in 19 tot 21 dagen worden uitgebroed. De man voert de pop gedurende de tijd dat zij de eieren bebroedt. Het kan vrij lang duren voor een jong uit het ei komt. Als de jongen zo'n 4 tot 5 weken zijn vliegen ze uit. Ze kunnen dan nog niet zelfstandig eten en worden nog twee weken door de ouders bijgevoerd. Als het kweekkoppel zelf de jongen heeft grootgebracht, blijft het meestal bij één ronde. Een enkel paar doet het echter nog een tweede keer. De jongen van het eerste nest moeten dan verwijderd worden zodra ze zichzelf kunnen redden en de tweede ronde begint, anders bestaat de kans dat de man ze aanvalt en zelfs verwondt of doodt. De kans op een tweede legsel is veel groter als het eerste onbevrucht is of mislukt.

MUTATIES: Er zijn diverse mutaties bekend van deze schitterende vogel. Blauw, geel,  cinnamon, pastel, fallow, oranje, lutino en bont.